Dutch Arabic Chinese (Simplified) Chinese (Traditional) Danish English Finnish French German Italian Japanese Korean Norwegian Portuguese Russian Spanish Swedish Thai Vietnamese

Vliegeren met een 2 lijns vlieger

Categorie: Vlieger oplaten Laatst bijgewerkt: dinsdag 15 augustus 2017

Eenvoudige Instructie voor het vliegeren van een bestuurbare vlieger (Stuntvlieger)

Veiligheid

Vliegeren lijkt op zich een ongevaarlijke bezigheid. Echter als men te gemakkelijk over de hobby denkt, kunnen er gevaarlijke situaties ontstaan. Indien onderstaande punten in acht worden genomen blijft de kans daarop beperkt.

Ga op een plaats vliegeren waar je de ruimte hebt. Ga in ieder geval niet tussen de mensen in vliegeren . Wil je aan zee op het strand vliegeren? Informeer eerst of daar geen vliegerverbod geld.

Ga nooit vliegeren in de buurt van snelwegen, elektriciteitsmasten, windmolens etc.

Ga nooit vliegeren met (kans) op onweer.

Ga niet direct bij de strandopgang vliegeren, loop liever 100m verder waar het rustig is.

Pak zorgvuldig uit en in en controleer altijd een extra keer je spullen voordat je begint.

Wees op je hoede voor weersveranderingen. Na en voor een stapelwolk of bui neemt de wind vaak enorm toe.

De gespannen vliegerlijnen zijn zo scherp als een scheermes. Zorg altijd dat er geen mensen bevinden tussen jou en de vlieger. Maak mensen bewust van het gevaar.

Houd je spullen altijd in topconditie.

Het is eigenlijk simpel maar boven alles gaan een paar simpele gedachtes.

Houd voldoende afstand.

de wind speelt met jou, jij niet met de wind.

Onderschat nooit de situaties (wees voorbereid op de nieuwe situatie).

Overschat nooit je zelf.

Vlieger omdat je dit wilt en niet omdat je moet.

Vliegeren in het algemeen

Om het vliegeren te leren is het fijn als een redelijk stevige wind staat. Bij te weinig wind is de vlieger erg gevoelig, waardoor hij moeilijker te besturen is. Windkracht 3 tot 4 is meestal het beste.

Ook de lijnen en handgrepen zijn belangrijk. Bij de meeste beginnervliegertjes zijn handgrepen inbegrepen en anders is er een brede keuze, dan is het maar net wat je fijn vind. Lijnen kun je meestal kant-en-klaar kopen. Als je ze op een spoel koopt moet je ze zelf nog op maat knippen en ommantelen (alleen bij dyneema, vraag aan de winkelier hoe dit moet) en een lus knopen.

Vliegeren met een 2-lijns vlieger.

Maar hoe dan te vliegeren? Je begint natuurlijk met het in elkaar zetten van de vlieger. Meestal zit er een gebruiksaanwijzing bij dus dat is waarschijnlijk niet zo'n probleem. Aan de meeste meegeleverde lijnen zitten gewoon clipjes om ze aan de vlieger te bevestigen. Bij sommige vliegers echter niet. Daar zit aan de toom een klein stukje lijn van ±10 cm. Aan het einde van de stuurlijn zit een lus. Het is dan de bedoeling dat je de lijnen bevestigd zoals hieronder is afgebeeld. Als de lijnen bevestigd en uitgerold zijn kun je de handgrepen bevestigen (Als die tenminste niet al aan de lijnen vast zitten). De vlieger is nu klaar voor gebruik. Om hem op te laten laat je hem door iemand anders rechtop in de wind houden. Als je alleen bent kun je de vlieger rechtop tegen een paaltje zetten of op de grond leggen met wat zand op het zeil. (Als je op gras staat is dat zand vaak niet nodig). Je lanceert de vlieger door een korte, gelijkmatige ruk aan beide lijnen te geven en wanneer dat nodig is een paar passen achteruit te doen. De eerste keren zal de vlieger snel weer op de grond liggen. Probeer de vlieger recht omhoog te sturen en laat hem bovenin stilhangen. Door aan één van de lijnen te trekken zal de vlieger naar links of naar rechts gaan. Probeer zo het gedrag van de vlieger onder controle te krijgen en geef niet te snel op. Stuntvliegeren leer je niet in een keer, daar is meer tijd voor nodig.

Als beginnend vliegeraar kun je beter met een kleine vlieger beginnen, zodat je eerst de besturing onder controle krijgt. De besturing van een tweelijner is simpel. Trek je aan links dan gaat hij naar links trek je aan rechts dan gaat hij naar rechts. Het besturen van vlieger kan je vergelijken met het besturen van een fiets.

Een vlieger besturen is net als sturen met de fiets.

Stuur links Trek links Fiets maakt een bocht naar links, wordt dit aangehouden dan rijdt men een cirkel linksom.

Vlieger draait naar links, wordt dit aangehouden dan krijgt men looping linksom.

Stuur rechts Trek rechts Fiets maakt een bocht naar rechts, wordt dit aangehouden dan rijdt men een cirkel rechtsom.

Vlieger draait naar rechts, wordt dit aangehouden dan krijgt men looping rechtsom.

Stuur recht Handen naast elkaar Fiets rijdt rechtdoor. Vlieger vliegt rechtdoor in de richting van zijn neus.

Windvenster

Als je een vlieger bestuurd zul je snel genoeg merken dat je een bepaald windvenster hebt. Ongeveer 85 graden links van je en 85 graden rechts van je. Je kunt dus bijna 180 graden rondvliegen. In het midden van het windvenster trekt de vlieger heel hard en vliegt deze zeer snel, de kracht en snelheid zullen afnemen als je naar de rand (links, rechts of naar boven) van het windvenster vliegt. Lees hier meer over het Windvenster.

Oplaten

Rol de lijnen uit tot ongeveer 22 á 35 meter. Wanneer je de vlieger op wilt laten trek dan met beide handen naar achter en doe tegelijkertijd een stapje naar achter.

Pendelen

Dit is het heen en weer bewegen van de vlieger.Houdt eerst de handen naast elkaar. Daarna trek je de vlieger naar links je zult dan zien dat de vlieger links gaan. Probeer hem maar weer te controleren door hem in een rechte lijn naar boven te sturen. Daarna kun je het naar rechts proberen.

Looping

Wanneer je een looping wilt gaan draaien is het eigenlijk heel simpel. De vlieger eruit halen is misschien iets moeilijker. Probeer niet te laag aan de grond te beginnen met de looping. Wanneer je er klaar voor bent trek je naar rechts. Hoe verder je trekt hoe harder de vlieger zal gaan draaien. Je zult nu zien dat de vlieger een bocht naar rechts draait omdat je aan de rechter stuurlijn trekt. Wanneer je nu naar links een looping wilt maken dan kun je de linker stuurlijn aantrekken.

Groundsweep

Een groundsweep is in een lijn van de ene naar de ander kant van je windvenster vliegen. Wanneer je iets gevorderd bent kun je proberen een streep door het zand te trekken met het puntje van je vlieger. Het is eigenlijk heel eenvoudig om een groundsweep uit te voeren. Ga naar de zijkant van je windvenster en stuur een halve looping. Daarna stuur je hem recht naar de andere kant van het windvenster.

Landing

De landing is heel eenvoudig. Je stuurt je vlieger naar de zijkant van je windvenster en laat hem dan langzaam vallen. De vlieger zal dan vanzelf vlak op de grond gaan liggen.

De toom

Het toom van de vlieger heeft een bepalende invloed op de vliegeigenschappen. Het is denkbaar dat een vlieger die met de allerbeste materialen is gebouwd geen goede vliegeigenschappen heeft, omdat het toom niet is aangepast aan de vlieger. Omgekeerd kan het zijn dat een vlieger die uit middelmatige materialen is samengesteld zeer goede vliegeigenschappen bezit, omdat er een toom is ontwikkeld die optimaal is afgestemd op deze vlieger. Vooral voor beginnende 2-lijns vliegeraars is het interessant dieper in te gaan op de basis functionaliteit van het toom. Het toompunt kan hierbij het beste worden beschouwd als het punt waarin de verschillende toomlijnen samenkomen en waar de vliegerlijnen aan worden bevestigd, zoals bij een driepunts toom.

Doel van het toom

Het toom dient ervoor om de vlieger door de besturingsacties van de piloot in een bepaalde stand ten opzichte van de wind te zetten / te houden.

Aanpassen van de toom-instelling.

In principe kan het toom in elke richting worden versteld. We zullen hierbij op 2 trimrichtingen ingaan, te weten richting staart en richting neus.

Elke verplaatsing heeft meerdere gevolgen voor het vlieggedrag.

Staart - Als het toompunt in de richting van de staart wordt verplaatst, wordt de invalshoek van de vlieger groter:

De vlieger komt steiler te staan. Hierdoor zal de vlieger meer druk opbouwen; de trekkracht wordt groter.

Sommige piloten vinden dat een prettiger vlieggevoel; anderen willen juist zo weinig mogelijk trekkracht.

Naast meer trekkracht zal de vlieger met de steilere instelling langzamer gaan vliegen.

De bochten van de vlieger worden scherper.

De neiging om na een bocht door te draaien (overstuur) wordt groter. Ook de tendens om na een scherpe bocht te gaan wiebelen neemt toe.

In algemene zin zal de vlieger door de steilere instelling wendbaarder maar ook gevoeliger reageren.

De vlieger wordt steiler ingesteld als men de bovengenoemde eigenschappen en vlieggedrag wil realiseren. Dit is vooral het geval als de wind sterker wordt.

Neus - Als het toompunt in de richting van de neus wordt verplaatst komt de vlieger vlakker te staan t.o.v. de wind:

De druk in het zeil wordt minder, waardoor ook de trekkracht zal afnemen.

De opwaartse kracht (lift) wordt groter.

De vliegsnelheid zal toenemen.

Voor de afzonderlijke manoeuvres zijn nu fellere stuurbewegingen nodig.

Enerzijds wordt de vlieger preciezer, maar anderzijds wordt het uitvoeren van trucs moeilijker.

De nauwkeurigheid wordt beter, d.w.z. dat de vlieger stabieler is in de voorwaartse beweging.

Je hebt een betere controle over de vlieger bij loopings en kleine spins. Het overstuur wordt minder en de tendens om te wiebelen na een scherpe bocht wordt kleiner.

De hoeken worden vooral bij een felle beweging zuiverder en meer precies.

Echter in algemene zin wordt de manoeuvreerbaarheid duidelijk minder. De vlieger wordt vlakker ingesteld als men de lichte wind eigenschappen, minder druk in het zeil of meer precisie in het vlieggedrag wil verkrijgen.

Als laatste.

Zoals je ziet kun je met andere toominstellingen de eigenschappen van de vlieger naar eigen inzicht en voorkeur aanpassen. Ga er rustig mee experimenteren, maar let dan wel op de volgende basisregels:

Aanpassingen altijd aan beide zijden (links en rechts) symmetrisch uitvoeren

Nooit meer dan één aanpassing in één keer uitvoeren. Anders weet je niet welk effect door welke aanpassing is veroorzaakt

Aanpassingen altijd in kleine stukjes uitvoeren, bijv. toompunt max. 0,5 cm per keer verschuiven. Bij de meeste vliegers vanaf een middenprijsklasse van ca. 50 Euro is de toom al op een neutrale wijze afgesteld. Meestal is deze stand aangegeven via een gekleurd streepje op de toomlijnen. Breng eventueel eerst zelf markeringslijntjes op de toomlijnen aan. Als je dus hebt geëxperimenteerd met andere afstellingen, kun je altijd weer terug naar deze standaardinstelling.

 


Gerelateerd