Dutch Arabic Chinese (Simplified) Chinese (Traditional) Danish English Finnish French German Italian Japanese Korean Norwegian Portuguese Russian Spanish Swedish Thai Vietnamese

Zeven Japanse geluksgoden

Categorie: Japan (wereldwijd) Laatst bijgewerkt: woensdag 31 december 2014

Shichi Fukujin, (zeven geluksgoden) zijn zeven goden uit de Japanse mythologie. Kichijōten, de godin van geluk, wordt soms samen met de

zeven traditionele goden afgebeeld, ze vervangt dan Jurōjin. Reden daarvoor is dat Jurōjin en Kichijōten oorspronkelijk manifestaties zijn van dezelfde Taoïstische godheid , de Zuidelijke Ster.  Nochtans, zoals vaak het geval is in folklore, vertegenwoordigen de Japanse goden soms verschillende dingen in verschillende plaatsen. De zeven goden worden vaak afgeschilderd op hun schip, Takarabune, ofwel het Schip van de Schat. De traditie stelt dat de zeven goden op Nieuwjaar zullen arriveren en grootse giften aan mensen zullen uitdelen. De kinderen ontvangen vaak rode enveloppen die geld bevatten. Takarabune en zijn passagiers worden vaak afgebeeld in mythologische Japanse kunst.

De zeven goden van geluk zijn:

Hotei,

de dikke god van overvloed en een goede gezondheid

Jurōjin,

god van het lange leven

Fukurokuju,

god van de blijdschap

Bishamonten,

god van de krijgers

Benzaiten,

godin van de wijsheid en de kunsten

Daikokuten,

god van de rijkdom en handel

Ebisu,

god van de visserij

 

De Geluksgoden

De zeven geluksgoden (Shichifukujin), en andere gelukbrengende  goden, bevolken de scheidslijn tussen bijgeloof en religie. Ze komen uit "reguliere" religies en tradities, maar zijn een eigen leven gaan leiden. Vanwege de grote populariteit, ook als netsukethema, worden ze apart behandeld.  Hoewel meestal apart weergegeven, komen de Shichifukujin ook voor in combinaties en soms met zijn allen in een (draken) boot, takarabune, met allerlei schatten.

De herkomst is nogal divers: Daikoku(Daikokuten), Bishamonten(Bishamon), en Benzaiten(Benten) zijn oorspronkelijk afkomstig uit India, drie anderen, Hotei, Jurojin, en Fukurokuju hebben een chinese herkomst en alleen Ebisu is volledig japans. Ze worden meestal enigszins komisch weergegeven. De drie met een indiase herkomst zouden hindoe godheden zijn die overstapten naar het boedhisme. De Shichifukujin hebben het brengen van geluk niet kunnen monopoliseren. De andere gelukbrengende goden kregen daarom ook een plek op deze pagina. De reden dat ze niet werden opgenomen in de Shichifukujin is mogelijk dat het getal zeven te veel symboliek heeft, en dat dus de plaatsen vergeven waren. Het chinese verhaal "Zeven wijzen in de bamboo groeve" en de boedhistische soetra "Ninnoukyou" zijn mogelijk ook inspiratiebronnen geweest voor dit illustere gezelschap, waarvan de samenstelling tijdens de Muromachi periode definitief werd.

Shichifukujin - Daikoku(Daikokuten)

Daikoku is de god van de rijkdom en welvaart. Het gangbare uiterlijk is: een vrij kleine gestalte met een soort barret op zijn hoofd, grote oorlellen, vaak een spits (snor)baartje, over zijn rug een grote zak gevuld met schatten en in een van zijn handen een soort magische hammer (uchide no kozuchi) waaruit munten en juwelen vallen als hij die op en neer schudt. Vaak staat hij op rijstbalen, en ratten, symbolen van overvloed, zijn soms ook in de buurt. Daikoku en Ebisu zijn de belangrijkste goden van de Shichifukujin.

Shichifukujin - Ebisu

Ebisu, de enige van de Shichifukujin met volledig japanse wortels, is de god van de vissers, vlijt en geluk. Traditioneel werd Ebisu ook geeerd door winkeliers en andere handelslieden. Het gangbare uiterlijk is: grote oorlellen, een spitbaardje, vaak met een traditionele puntige muts (Kazaori Eboshi), in zijn handen vaak een vishengel (rechts), en nagenoeg altijd een grote vis (veelal links), soms in een viskorf, en soms met een waaier als attribuut. Ebisu wordt vaak samen met Daikoku afgebeeld. Daikoku zou de vader van Ebisu zijn.

Shichifukujin - Hotei

Hotei is de god van de gulheid, vrolijkheid en tevredenheid en is afgeleid van de chinese lachende Boedha. Oorspronkelijk was het een exentrieke monnik van rond 900, die ongebonden, zonder bezit en zonder zorgen leefde. Vooral kinderen konden hem waarderen, en die worden dan ook vaak met hem afgebeeld. Het gangbare uiterlijk is: een kaalgeschoren hoofd, dikke oorlellen, een dikke buik, blootvoets, een grote zak (Hotei betekent in het japans een "zak met kleren"), soms met een waaier en soms ook met een wandelstok. De grote zak was oorspronkelijk een zak met enkele povere bezittingen, maar werd later gerevalueerd in een zak met schatten. Hotei is ook een beschermheilige van horca-achtige neringdoenden.

Shichifukujin - Bishamon/Tamonten(Bishamonten)

Deze godheid komt minder vaak voor als netsukethema. Het van origine een god van de oorlog en de bijbehorende krijgers. Omdat hij ook geassocieerd wordt met het geven en verdedigen van bezit, is ook hem een plek gegeven bij de geluksgoden. Het gangbare uiterlijk is: een figuur met wapens en een kleine pagoda.

Shichifukujin - Benzaiten(Benten)

Benten is de enige vrouwelijke godheid van de Shichifukujin en wordt geassocieerd met de kunsten, geleerheid, de zee en ze geldt als de beschermster van kinderen. Al die eigenschappen gaven haar een plek bij de zeven geluksgoden.
Het gangbare uiterlijk is: een mooie vrouw met een biwa (een japanse mandoline) of een luit, gezeten op een draak of een slang. Ze zou zich ook in een slang kunnen veranderen. Vaak heeft ze ook een juweel (van jade of een parel) waarmee wensen werkelijkheid kunnen worden.

Shichifukujin - Jurojin

Ook deze godheid staat voor een lang leven.  Het gangbare uiterlijk is: een oude man met (chinese) officiele kledij en een baret/muts, een staf, een schriftrol waarop de geschiedenis van alle levende wezens beschreven is, soms vergezeld door een hert (dat 1500 jaren oud zou zijn) en dat ook een symbool is voor een lang leven, of een schilpad, of een kraanvogel.

Shichifukujin - Fukurokuju

Deze god van de wijsheid, waardigheid en lang leven, zou de reincarnatie van de zuidelijke poolster zijn. De naam Fukurokuju is een sammenstelling van de karakters voor geluk, welvaart en een lang leven.  Het gangbare uiterlijk is: een oude vrolijke grijsaard, met een lange grijze baard, een bamboostok (met daarin een sutra), een kalabas, en bovenal een kaalgeschoren schedel die enorm lang kan zijn en soms met een doek bedekt is. In die lange schedel zou alle wijsheid die hij gedurende zijn lange leven heeft vergaard opgeslagen zijn. Die lange schedel leent zich voor mooie Sashi netsuke. En soms wordt die eigenschap van deze godheid ook gebruikt voor erotische afbeeldingen.
Fukurokuju kan vergezeld worden door een schildpad of een kraanvogel, beide symbolen van een lang leven.

Okame (Otafuku, Ofuku, Otogozen, Sanpei jiman)

De typische gedaante van Okame is een humoristisch gezellig vrouwtje met bolle wangen, pretoogjes, weggeschoren wenkbrauen, vrijvallende lange haren en met een heinan kostuum of de typische kleren van de Edo burgerij. Ze symboliseert levenslust en sensualiteit en het geluk komt bij haar vooral uit die richting. Waarschijnlijk was deze geluksgodin eerst een heinan hofdame, met de naam Ame no Uzume no Mikoto, die bekent was vanwege haar sensuele dansen. In uitbeeldingen wordt ze vaak gekombineerd met impliciete of expliciete erotische toespelingen. Soms ook in spottende combinaties met andere grootheden uit de goden- en heiligenwereld, zoals Daruma, Fukurokuju en Fukusuke, haar mannelijke evenknie waar het op genieten aankomt. Haar naam veranderde vaak. In Japan is Otafuku (Groot Geluk) de meest gangbare naam, maar bij netsukeverzamelaars gebruikt men meestal Okame. Veel men (masker) netsuke hebben een beeltenis van Okame.

Feedback

Heeft u aanvullende informatie over dit onderwerp die u wilt delen?
Aarzel niet en laat het ons weten. We horen het graag van u en streven er naar om de informatie die op de website te vinden is vollediger te maken voor onze gasten en leden.